GETUIGENIS · GELOOF · VRIJHEID

De waarheid zal u vrijmaken

Hoe God mijn beeld van Hem herstelde en mij leerde leven als geliefde dochter

Door Abigail Balfoort Getuigenis

“U zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.”

Johannes 8:32

Een overtuiging met ingrijpende gevolgen

Jarenlang leefde ik met de diepe overtuiging dat God mannen een hogere plaats had gegeven dan vrouwen. Dat geloof werd mij niet opgelegd door God Zelf, maar door een welbepaalde uitleg van de Bijbel.

In de jaren negentig werkte ik in een christelijke boekhandel. Daardoor kreeg ik vaak als eerste de nieuwste christelijke boeken in handen. Ik verslond ze. Niet omdat ik kennis zocht om gelijk te krijgen, maar omdat ik God wilde gehoorzamen. Ik verlangde ernaar Hem met heel mijn hart te volgen.

De sterke overtuiging dat ik Jezus als mijn persoonlijke Verlosser nodig had, ging gepaard met een nadruk op mijn diepe zondigheid. Vanuit dat uitgangspunt nam ik ook de uitleg over de plaats van de vrouw zonder veel vragen over. Als God het zo gezegd had, wie was ik dan om daartegenin te gaan?

Maar de gevolgen waren ingrijpend. Niet alleen voor mijn geloofsleven, maar ook voor mijn identiteit, mijn zelfbeeld en uiteindelijk mijn psychische gezondheid.

Ik schrijf dit getuigenis niet uit boosheid en ook niet om mensen aan te vallen. Ik schrijf het omdat ik wil getuigen van de vrijheid die Christus geeft wanneer Zijn Woord gelezen wordt in de rijkdom van zijn context.

Ik schrijf dit vooral omdat God ongelooflijk goed voor mij is geweest. Zijn beloften, duizenden jaren geleden opgeschreven, werden in 2006 plotseling heel persoonlijk. En twintig jaar later zijn ze nog dieper, rijker en levender geworden.

Zorgvuldig afgebakende grenzen

Ik leerde dat God een hiërarchische orde had ingesteld waarin de man leidinggeeft en de vrouw zich behoort te onderwerpen. Dat Adam als eerste werd geschapen, werd voorgesteld als Gods blijvende ontwerp voor alle tijden.

Langzaam begon ik te geloven dat ik als vrouw eigenlijk een tweederangs schepsel was.

Ik mocht God dienen… maar slechts binnen zorgvuldig afgebakende grenzen.

Ik mocht gaven hebben… zolang ze de bestaande orde niet in vraag stelden.

Ik mocht spreken… maar niet met gezag en al zeker geen vragen stellen.

Ik mocht volgen… maar nooit werkelijk voorgaan.

Hoewel ik wist dat God van mij hield, voelde ik mij nooit volledig welkom om Hem te dienen met alles wat Hij in mij had gelegd. Hoe harder ik probeerde dit te begrijpen, hoe meer vragen er kwamen.

Maar vragen stellen werd al snel gezien als een gebrek aan geloof of zelfs als ongehoorzaamheid aan God. Dus zweeg ik. Ik slikte mijn vragen in. Ik wilde koste wat kost vermijden dat men mij een feministe zou noemen die boven de man wilde staan.

Gevangen tussen verlangen en angst

Wat begon als een theologisch standpunt, nestelde zich diep in mijn hart. Ik was nog maar vijftien jaar toen ik voor Jezus koos. Leergierig zocht ik voorbeelden, boeken en onderwijs.

Maar gaandeweg verloor ik steeds meer het vertrouwen in mezelf. Ik onderdrukte talenten waarvan ik nu geloof dat God ze juist had gegeven. Ik leefde voortdurend met angst om buiten Zijn wil te handelen.

Die voortdurende innerlijke spanning droeg bij aan depressieve periodes en zware paniekaanvallen. Ik voelde mij gevangen tussen mijn verlangen om God volledig te dienen en de overtuiging dat Hij mij juist vanwege mijn vrouw-zijn begrensde.

Het was alsof mijn identiteit voortdurend botste met het beeld dat ik van God had meegekregen. Diep vanbinnen bleef één vraag terugkomen.

Is dit werkelijk wie U bent, Vader? Is de Schepper die mannen én vrouwen naar Zijn beeld schiep werkelijk Degene die de helft van Zijn kinderen minder ruimte geeft om Hem te dienen?

“Heer, laat mij Uw Woord begrijpen”

Ik bleef Hem smeken: “Heer, laat mij Uw Woord begrijpen zoals U het bedoeld hebt.”

En Hij luisterde. Niet van de ene dag op de andere, maar stap voor stap. Hij bracht mensen op mijn pad. Hij opende deuren. Hij liet mij steeds opnieuw Zijn Woord lezen met aandacht voor taal, cultuur, geschiedenis en context.

Mijn ziel dorstte naar het levende water waar Jezus over sprak. En precies daar begon mijn bevrijding. Niet omdat ik slimmer werd, maar omdat God mijn beeld van Hem begon te herstellen.

Ik ontdekte dat veel teksten die jarenlang gebruikt waren om een blijvende mannelijke hiërarchie te verdedigen, een veel rijkere betekenis krijgen wanneer ze gelezen worden binnen hun historische en literaire context.

Christus is de Eerstgeborene

Zo ontdekte ik dat Adam nergens de “eerstgeborene” wordt genoemd. Hij werd niet geboren. Eva evenmin.

God liet mij zien dat het eerstgeboorterecht helemaal geen universeel principe is waarop Hij Zijn Koninkrijk bouwt. Integendeel, door heel de Bijbel heen kiest Hij telkens opnieuw anders dan mensen verwachten.

Nog dieper raakten mij de woorden van Paulus:

“In de Heer is de vrouw niet zonder de man en de man niet zonder de vrouw… alles is uit God.”

1 Korintiërs 11:11–12

En ineens viel alles op zijn plaats. God liet mij zien dat het eerstgeboorterecht helemaal geen universeel principe is.

Mijn identiteit wordt bepaald door Christus. Hij is de Eerstgeborene. En in Hem delen mannen én vrouwen dezelfde genade, dezelfde waardigheid en hetzelfde erfdeel.

Ik mag groeien en bloeien

Vanaf dat moment begon mijn leven langzaam te veranderen. Het beeld van een God die mij voortdurend begrensde, maakte plaats voor het beeld van een liefdevolle Vader die Zijn kinderen toerust om Zijn Koninkrijk te dienen.

Niet ondanks mijn vrouw-zijn, maar juist als de vrouw die Hij Zelf met liefde had geschapen.

Ik hoef mijn gaven niet langer te wantrouwen.

Ik hoef niet langer bang te zijn dat elk verlangen om te dienen eigenlijk een verlangen zou zijn om over mannen te heersen.

Ik hoef mijn roeping niet langer kleiner te maken.

Ik hoef mij niet langer schuldig te voelen wanneer God deuren opent.

Ik mag groeien. Ik mag bloeien. Ik mag leven vanuit de vrijheid van Gods kinderen.

En wat een vreugde geeft dat.

Mijn verlangen was trouw te blijven aan Gods Woord

Tijdens deze zoektocht kreeg ik meer dan eens te horen dat ik “te feministisch” was geworden. Dat deed pijn. Want mijn verlangen was nooit om de Bijbel aan te passen aan de cultuur. Mijn verlangen was juist om de Bijbel beter te begrijpen.

In die zoektocht vond ik herkenning bij bijbelwetenschappers zoals Marg Mowczko en N.T. Wright. Hun werk bevestigde wat God al in mijn hart begonnen was: trouw aan de Schrift betekent niet dat we elke traditionele uitleg kritiekloos moeten blijven herhalen.

Ware eerbied voor Gods Woord vraagt juist de moed om ons te laten corrigeren door de Schrift zelf.

Mijn beeld van God veranderde

Mijn grootste bevrijding is niet dat mijn mening veranderde. Mijn grootste bevrijding is dat mijn beeld van God veranderde.

Ik leerde opnieuw de Vader kennen die Zijn kinderen roept. Die hen toerust. Die hen liefheeft. De God die niet klein maakt, maar opricht. Niet beknot, maar doet groeien. Niet beperkt, maar uitnodigt om de gaven te gebruiken die Hij Zelf heeft gegeven.

En daarom kan ik vandaag met diepe vreugde zeggen dat ik nu begrijp dat de grenzen die ik rondom mijn vrouw-zijn had leren zien, nooit betekenden dat Christus mij minder volledig had aangenomen. Zijn genade was nooit tweederangs. Zijn offer was ook voor mij volkomen.

Ook voor mij

Ik ben geen tweederangs schepsel.
Ik ben een geliefde dochter van mijn hemelse Vader.
Mede-erfgenaam met Christus.
Geroepen om Hem hier en nu te dienen, en straks tot in eeuwigheid in Zijn Koninkrijk.
“Uw Koninkrijk kome. Uw wil geschiede, zoals in de hemel, zo ook op de aarde.”

Mijn ziel heeft vrijheid gevonden

Mijn hart heeft rust gevonden. Mijn ziel heeft vrijheid gevonden.

En soms… heel onverwacht… doe ik een klein vreugdedansje. Gewoon omdat ik terugdenk aan de ongelooflijke trouw van God in de afgelopen twintig jaar.

Hij heeft mij niet alleen een nieuwe kijk op de Bijbel gegeven. Hij heeft mij opnieuw Zichzelf laten zien.

En dat heeft alles veranderd.

Over dit getuigenis

Dit persoonlijke getuigenis werd geschreven door Abigail Balfoort. De ervaringen en formuleringen zijn van de auteur.

Copyright

© Abigail Balfoort. Gepubliceerd op Bijbelse Gelijkheid met toestemming van de auteur. Alle rechten voorbehouden.